Mitglied der Anwaltskammer Eupen & Westflandern – Diplom Dess in Steuer- und Unternehmensrecht
Membre du Barreau Eupen & Flandre occidentale – Diplôme Dess en droit fiscal et droit des sociétés
Lid van Balie Eupen & West-Vlaanderen – Diploma Dess in fiscaal- en ondernemingsrecht

Dubbelbelastingverdragen: toepassingsgebied en belang voor België

Dubbelbelastingverdragen (DBV) bepalen welke staat het recht heeft om bepaalde inkomsten of vermogensbestanddelen te belasten. Ze hebben tot doel te vermijden dat een natuurlijke persoon of rechtspersoon dubbel wordt belast bij grensoverschrijdende situaties. De meeste verdragen zijn gebaseerd op het OESO‑Modelverdrag, dat internationaal als standaard geldt.

1. Welke belastingen vallen onder een DBV?

DBV’s zijn uitsluitend van toepassing op belastingen op inkomen en vermogen. Het OESO‑Model – evenals het Belgisch‑Duitse DBV – omschrijft dit toepassingsgebied uitdrukkelijk. Het omvat onder meer:

  • inkomstenbelastingen (personenbelasting, vennootschapsbelasting)
  • vermogensbelastingen, voor zover aanwezig
  • belastingen op vermogenswinsten
  • bepaalde loon‑ of vermogensaanwasbelastingen

Het Belgisch‑Duitse DBV bevestigt deze benadering door enkel “belastingen naar het inkomen en het vermogen” te omvatten.

2. Wat valt niet onder een DBV?

Niet gedekt zijn:

  • schenkings‑ en erfbelastingen
  • registratie‑ en zegelrechten
  • btw
  • lokale belastingen of verkeersbelastingen

Voor deze materies gelden geen DBV‑regels, tenzij er een apart verdrag bestaat. België heeft slechts enkele verdragen inzake erf‑ en schenkbelasting gesloten: wel met Frankrijk, maar niet met Duitsland.

3. Waarom deze afbakening belangrijk is

Veel belastingplichtigen gaan ervan uit dat een DBV “alle” fiscale kwesties tussen twee staten regelt. In werkelijkheid heeft een DBV alleen betrekking op inkomsten‑ en vermogensbelastingen. Voor erfenissen en schenkingen:

  • gelden geen toewijzingsregels,
  • bestaat geen mechanisme om dubbele belasting te vermijden,
  • is geen onderling overleg mogelijk.

Hierdoor kan echte dubbele belasting ontstaan.

De Belgische wereldwijde belastingplicht

België past het volgende principe toe: Elke natuurlijke of rechtspersoon die fiscaal inwoner is van België, wordt belast op zijn wereldwijde inkomsten, tenzij een DBV het heffingsrecht aan een andere staat toewijst.

1. Wie is fiscaal inwoner van België?

  • Natuurlijke personen: woonplaats of centrum van levensbelangen
  • Rechtspersonen: plaats van werkelijke leiding of statutaire zetel

Het Belgisch‑Duitse DBV sluit hierbij aan.

2. Hoe beperkt een DBV de Belgische heffingsbevoegdheid?

Een DBV beperkt de Belgische belastingbevoegdheid wanneer het heffingsrecht aan een andere staat wordt toegewezen. Typische voorbeelden:

  • onroerend goed wordt belast in de staat waar het gelegen is
  • ondernemingswinsten worden belast in de staat van de vaste inrichting
  • dividenden, interesten en royalty’s genieten verlaagde bronheffingen of vrijstellingen

3. Zonder DBV: volledige Belgische bevoegdheid

Wanneer geen DBV bestaat – zoals voor erf‑ en schenkbelasting met Duitsland – geldt uitsluitend het Belgische recht. Dit betekent:

  • België belast de volledige nalatenschap van een Belgische inwoner,
  • ook wanneer een andere staat eveneens belast,
  • zonder mechanisme om dubbele belasting te vermijden.

Praktische gevolgen

  • Vennootschappen met zetel of leiding in België moeten hun wereldwijde inkomsten aangeven; het DBV bepaalt enkel de verdeling van de heffingsrechten.
  • Grensarbeiders, investeerders en verhuurders profiteren van duidelijke toewijzingsregels.
  • Erfgenamen en schenkers moeten extra aandacht besteden aan situaties zonder DBV.